Mijn goede voornemens voor 2013

Hupsakee, een nieuw jaar. Tijd voor goede voornemens. Ieder jaar maak ik ze, dit jaar ga ik ze ook delen. Het zijn er best een aantal, maar dat mag ook. Ik heb er een heel jaar voor. 

Persoonlijk:

  • Verder met mijn ‘nooit meer op dieet’ filosofie. Als resultaat wil ik voor het einde van het jaar structureel onder de 105 kg wegen zodat ik in 2014 voorgoed afscheid kan nemen van de drie cijfers voor de komma op de weegschaal.
  • Minimaal 600 kilometer hardlopen dit jaar met als doel de 10k lopen.
  • Meer en meer blijven lezen over ‘gezond leven ‘en met name over de rol van gezond voedsel.
  • Vaker bloggen waarbij ik mijn blog meer als soort van ‘journal’ wil inzetten met ook kleinere lopende posts.
  • Er altijd, altijd zijn voor de belangrijkste mensen in mijn leven. 
  • (wannahave) Voor Anne en Daan zelf een hobbit huisje bouwen van restmaterialen bij ons in de tuin.

Zakelijk

  • Meer en meer kennis en werkzaamheden intern overdragen zodat ik meer tijd heb om de C7 foundation met bijbehorend hoger doel uit te bouwen.
  • Niet meer zo stressen over volle mailboxen en to-do lijsten en zaken even wat vaker in perspectief zetten.
  • Samen met het team nog veel meer bereik genereren in de flipperkast.
  • De C7 NPS naar boven de 45% brengen en houden (dit jaar 42% onder onze klanten).

Ik ben ook erg benieuwd naar jullie goede voornemens. Deel je ze hieronder met me?

Nooit meer op dieet

Nooit gedacht dat ik dit ooit nog eens zou typen. Want zo voel ik me op dit moment. Bevrijd van het gevoel ooit weer op dieet te moeten. Ik heb voor iets anders gekozen, ik ga gezond leven. 

Zolang ik me kan herinneren leef ik met overgewicht. Iets wat in mijn studententijd echt uit de hand is gaan lopen. Het is iets waar ik niet graag over praat. Het maakt me onzeker, reden genoeg om het onderwerp uit de weg te gaan. Mensen die me goed kennen weten dat ik ermee worstel. Dat ik het niet voor elkaar krijg om af te vallen. Nou ja, op mijn 23e woog ik 131 kilo. Van de ene op de andere dag besloot ik dat het genoeg was en ben ik in anderhalf jaar 29 kilo afgevallen. Best veel al zeg ik het zelf. Eigenlijk door te stoppen met domme dingen eten en te gaan sporten. Was prima te doen. 

In de afgelopen jaren vijf jaar ben ik ieder jaar zo gemiddeld weer 4 kilo aangekomen. Hoe? Ow heel makkelijk. Jezelf belonen door middel van eten. Niet dat je het lekker vindt of nodig hebt, maar wel eten. En te weinig bewegen. Een zittend beroep, aanleg, niet sporten, je kent het wel. Het ergste vond ik mijn eigen worsteling over waarom ik mezelf, en mijn gezin, dit aandeed. Ik wist hoe slecht het was en hoe fijn het was toen ik 102 woog. Je voelt je beter, gezonder en bent gewoon vrolijker. 

Ik ben iemand die beslissingen echt vanuit mijn onderbuik neemt. Het moet gewoon goed voelen. Daarnaast ben ik iemand die vooral doet en ook gelooft in gewoon beginnen. Niet teveel plannen maken maar er gewoon voor gaan. Onbegrijpelijk dan ook voor mij dat ik dit met mijn gewicht niet voor elkaar kreeg. Een vicieuze cirkel die ervoor zorgde dat ik alleen maar meer ging eten. Gewoon omdat ik vond dat ik het verdiend had, of juist niet verdiend had maar dat het toch niet meer uitmaakte… En een dieet, daar geloof ik niet in. Ik ga toch niet op crackers leven.

Het moment dat er iets moest veranderen zat er in de afgelopen maanden echt aan te komen. Ik begon me aan dingen te ergeren. vooral dingen buiten mezelf. En dat is een teken dat er iets moet veranderen bij me. Regel nummer 1 in Ray’s DNA in dat jezelf dingen in de hand hebt en het nooit buiten jezelf moet zoeken. Ook bij Concept7 werd veel over eten gesproken. Wat goed voor je was, wat slecht voor je was en ik merkte dat ik er opstandig van werd. Een onderwerp waar ik duidelijk niets van wist en wat ik afdeed als onzin. Natuurlijk niet waar, maar wel de makkelijkste oplossing als je er toch geen grip op kunt krijgen. Op Facebook las ik een bericht van @boris. Hij had een boek gelezen ‘eet jezelf gezond, slank en gelukkig’. Een aanrader met veel inzichten over wat eten met je doet. Zonder na te denken heb ik het besteld. Dat voelde zo. 

Ik citeer van pagina 2: ‘je bent letterlijk wat je eet’. BAM, alles klaar. Dat is het! Deze zin kwam echt keihard bij me binnen. Want zo was het. Veel mensen, waaronder ik, hebben geen idee wat eten met je doet. Wat je lichaam nodig heeft en waarom. Simpelweg wat eten met je doet. Pagina na pagina las ik over eten, bewegen, vitaminen en maakte het me bewuster over wat ik at. Wat mijn lichaam met dat eten doet. Waar het iets mee kan en waar het vooral niets mee kan. Je gaat het simpelweg begrijpen. Waarom je na het eten vaak met een opgeblazen gevoel doodmoe op de bank plofte. Dat het niet normaal was wist ik wel, maar waarom het zo was. Geen idee?

Als een spons heb ik het boek uitgelezen en een belangrijk besluit genomen. Vanaf nu ga ik gezond leven. Punt. Ik ga bewust eten, wil weten wat ik eet en wat het met me doet. Beter eten en meer sporten. Een combinatie die ervoor zorgt dat je je lichamelijk en geestelijk (nog) beter gaat voelen. Geen hogere wiskunde, maar meer dan ooit een bewustwording voor mij. 

En nu ben ik op dieet. Ik eet heerlijk, een stuk minder maar altijd voldoende. Dieet is voor mij niet meer iets negatiefs. Een ander beter voedingspatroon is ook een dieet. Bijna iedere dag leg ik het nog even aan mezelf uit. Want het voelt helemaal niet dat ik op dieet ben. En toch is het zo. Prima toch? 

Ik ga eens per maand naar een diëtist en praat en veel met Anniek en een paar directe vrienden over. Gewoon om te kijken of ik bepaalde dingen nog beter kan doen. Heerlijk dat mensen je zo steunen. Ik ben hier nu zeven weken actief mee bezig. Voor mij ook het moment om het van me af te schrijven voor de eerste keer. 

En je gelooft het of niet. Ik merk echt dat ik er vrolijker van word. Je voelt je gewoon beter. Bijkomend voordeel is dat de eerste vierenhalve kilootjes er al af zijn. Nog heel veel te gaan, maar dat komt vanzelf. Ik ben gaan hardlopen. Iets wat ik al een hele tijd graag wilde doen. Ik volg een schema en heb mezelf als doel gesteld om voor de zomer van 2013 rennend naar mijn zwager, schoonzusje en hun dochter op visite te gaan. Van deur-tot-deur, 12 kilometer. Voor mij eerst voldoende, een marathon hoef ik niet te lopen. Natuurlijk gebruik ik alle mogelijke apps op mijn iPhone en heb ik al jaren een Withings weegschaal (met wifi) voor de nodige grafiekjes, koppelingen en weet ik het allemaal. Ik blijf nu eenmaal een gadgetfreak. Maar nu eentje die gezond leeft, althans daar doet ie erg zijn best voor. 

Werkgevers zijn boeven, werknemers nooit tevreden

Wat is dat toch met die voortdurende strijd? Hebben we in Nederland soms twee kampen? Kamp één zijn dan de mensen in loondienst die vinden dat hun baas er alles aan doet om hun uit te knijpen. Over hun rug, om zoveel mogelijk te verdienen. En kamp twee zijn de ‘bazen’ die leven volgens een oud spreekwoord ‘ik wens je veel personeel toe’. En dat is absoluut niet positief bedoeld.

Ik begrijp dit niet zo goed. Zelf herken ik dit helemaal niet namelijk. ‘Je mensen’ zijn volgens mij het allerbelangrijkste wat je organisatie te bieden heeft. Zonder hun ben je helemaal niets. Dat lijkt me dus iets om zuinig op te zijn. ‘De klant heeft altijd gelijk’ vind ik dan ook een achterhaald principe. Ga eerst maar eens achter je mensen staan. Iedereen kan fouten maken, je klanten dus ook. Helemaal niet erg, alle reden om het foutje netjes op te lossen. 

Als je je mensen niet goed behandelt, willen ze niet meer voor je werken. Laat staan dat je aan nieuwe goede mensen komt. Zeker met de huidige generatie Y. Dit zijn mensen die zelf kiezen en niet meer automatisch 30 jaar voor een baas blijven werken. Ze vinden een maatschappelijke bijdrage leveren belangrijk en willen autonoom zijn. Mensen die niet meer voor het geld gaan maar veel meer voor een plek zoeken waar ze zich thuis voelen. Ze kiezen dan ook bewust voor je bedrijf, of eigenlijk bewust voor de cultuur binnen je bedrijf. Laten dit nu net de mensen zijn die wij bij C7 zoeken. Los van het feit dat het op onderbuik niet goed voelt, heeft het bedrijfsmatig dus ook totaal geen zin je mensen niet goed te behandelen.  

Als mensen klagen over hun baas gaat het vaak over geld. Zie hem dan rijden in zijn grote bak. De baas als pispaal om eens lekker tegenaan te schoppen. Iets wat volgens mij vaak voorkomt uit onbegrip en helemaal niet uit misgunnen. 

Veel ondernemers hebben een drijfveer die echt niets met geld te maken heeft. Ze hebben een droom en doen er alles aan deze na te jagen. Daarbij gebruiken ze het vehikel bedrijf als tool. En de kamer van koophandel heb je nodig voor het nummer. Anders mag je niets namelijk. Bijvoorbeeld de mensen betalen die je helpen je droom te realiseren.

Wil je je dromen waarmaken dan heb je daar vaak mensen bij nodig die je helpen. Je probeert dus mensen enthousiast te maken, mee te krijgen in je droom. Samen de wereld een beetje beter maken. Door de jaren heen worden dat meer mensen en dan heb je automatisch meer verantwoordelijkheden. Opeens wordt er geld gegenereerd. Een gevolg van je droom najagen, niet andersom. Daarvan kun je je mensen eerlijk hun deel betalen. Dat spreek je samen immers zo af. En als je het goed doet blijft er ook wat over. Daar kun je als ondernemer leuke dingen van doen. Zoals die grote bak kopen, of op wereldreis, een andere droom najagen of wat je maar wilt. Geld is dus een gevolg van dingen doen, niet andersom.   

Zullen we afspreken om het stigma ‘werkgevers zijn boeven, werknemers nooit tevreden’ gewoon overboord te gooien. Praat eens met elkaar. Vraag eens naar elkaars dromen. Je zult zien dat er een hoop overlap is. Het zorgt voor inzicht en dus voor begrip. Kunnen we het samen gaan doen. Worden we echt niet minder van.

Ik ben een dorpsman

Sinds afgelopen zomer woon ik in Oudemirdum. Een klein Fries dorpje zo’n 20 minuten van Lemmer. Ik heb 12 jaar in de stad Groningen gewoond. Van bijna 200.000 inwoners naar 1321 zo vertelt Wikipedia. Al hoewel ik me afvraag of mijn zoon Daan hierin wel is meegeteld. 

Ik ben geboren en getogen in Tweede Exloermond. Een klein dorpje in de buurt van Stadskanaal. En hoewel ik het stiekem wel wist, het gevoel is weer helemaal terug. Ik hoor ik een dorp. Het praatje met de buurman leunend op de schoffel, even zwaaien naar de vrouw van de bakker en wat soepvlees halen bij de slager. Ik vind het heerlijk. Het onpersoonlijke van de stad heeft plaatsgemaakt voor het kleine kneuterige van het dorp. Iedereen weet alles van elkaar, helemaal goed. Ik heb toch niks te verbergen.

Natuurlijk maakt het ook een verschil dat we nu vrijstaand wonen. Met een tuin rondom het huis kan dochter Anne al heerlijk buiten spelen. 10 minuutjes fietsen en we zijn bij het IJsselmeer. Niet meer op zondag boodschappen doen maar lekker lopen in het bos op 10 minuten wandelen van ons huis. Ow, wat ben ik toch een degelijk familiemannetje. Maar ik vind het heerlijk. 

Eén van de dingen waar ik weer even aan moest wennen is het gemak waarmee dingen gaan. Naast een bakker, een kroeg, een slager en een kleine stapelmarkt (jawel) hebben we ook een installatiebedrijf op de Brink. Nou ja, laat ik ze niet tekort doen. Ze verkopen ook TV’s, doen in zonnepanelen, reinigen goten en wat al niet meer. Je kent het wel. Een maand geleden werd onze droger wel heel warm en ja, dan bel je Bokma. Ik bel, vertel het verhaal en het enige wat ze zei was ‘ok, het komt goed’. Dus ik vroeg wat er dan nu ging gebeuren en ze herhaalde ‘het komt goed’. En het kwam goed! De volgende dag stonden ze voor de deur en nog geen tien minuten later stond ie al op de steekkar onderweg naar de bus. Even op de zaak controleren. Had ie nog een warmtemetertje liggen. Een week later hadden we hem weer. Alles klaar. Geen gedoe, gewoon regelen. En zo hoort het. 

Al hoewel we in Groningen in een leuke buurt woonden was het contact met je buren toch een stuk minder. Misschien onbewust juist wel heel bewust. We wisten dat we daar niet zouden blijven. Nu is dit heel anders en proberen we juist wel veel energie in de relatie met mensen uit het dorp te steken. Iets wat me niet heel lastig afgaat moet ik zeggen hoor. Het is leuk om je buren te leren kennen, een praatje te maken en natuurlijk doen we ook actief mee met de buurtvereniging. Omdat ik geen enkele reden zie om uit Oudemirdum vandaan te gaan, steek je er automatisch ook meer energie in. Als vanzelfsprekend. En natuurlijk steun je ook lokale business. Een ketel bestel je in het dorp en een tuinman zoek je niet in een andere stad. Je helpt elkaar een stap verder. Gewoon, omdat het zo hoort. 

Delegeren is een kunst, maar wel eentje die werkt!

Delegeren. Als je me het een jaar geleden gevraagd zou hebben, had ik waarschijnlijk geantwoord “dat lukt me niet, ik ben nu eenmaal iemand die me overal mee bemoeit”. Hoe anders is dat nu. Nou ja, dat laatste is nog steeds wel een beetje het geval als ik eerlijk ben…

Lang heb ik het woord delegeren als negatief geassocieerd. Alsof je andere mensen voor jouw dingen laat opdraaien. Alsof je zelf te lui bent om het te doen ofzo. In het afgelopen jaar ben ik dat echt anders gaan zien. 

Als je werkzaamheden aan andere mensen overlaat, en dan ook echt overlaat, zul je zien dat andere mensen gaan groeien. Ze krijgen meer plezier in wat ze doen en voelen zich echt verantwoordelijk. Want dat is waar delegeren wat mij betreft over gaat, verantwoordelijkheid geven aan anderen. Geen rocket science, wel een openbaring voor mij. 

Wat ik heb moeten leren is dat dingen niet persé beter gaan als je je er zelf mee bemoeit. Best een arrogante gedachte ook eigenlijk. Mensen doen dingen op hun manier en dat is iets wat je moet accepteren. En kijk eens naar het effect, je klanten zijn net zo blij. En dat is toch waar het uiteindelijk om draait? Waarom zou je het dan zelf doen? 

Delegeren geeft je de tijd om andere dingen te doen die misschien nog wel veel leuker zijn. Weg met de negatieve associatie, delegeren rocks!

Email, toch echt wel een dingetje

Veel mensen worden er gek van, email. Ik heb het zelf ook wel een beetje. Nou ja gek, onrustig is een beter woord. Als ik een dag niet heb kunnen ‘checken’ dan kijk ik ‘s avonds toch nog even of er geen gekke dingen tussen zitten. Een hele dag geen mail is er eigenlijk niet meer bij. Behalve in de zomervakantie, dan bewust maar even niet. 

Overal op het web vind je tutorials over hoe je het beste met je mail om kunt gaan. Ik heb zo mijn eigen manier gevonden. Bij Concept7 werken we met Google apps en dus met Gmail. Werkt super. Overal altijd dezelfde mailboxen en instellingen. Ik werk vanuit het principe dat ik op iedere serieuze mail reageer. Iedereen die mij een email stuurt verdient het om een antwoord terug te krijgen. Ik haal niet, omwille van de productiviteit, bewust maar twee keer per dag mijn mail. Voor mij werkt dat nu niet. Mijn werk bestaat grotendeels uit communiceren en daar is mail een belangrijk onderdeel van.

Mijn mailbox zelf probeer ik altijd zo leeg mogelijk te houden. Alle mailtjes die nog in de inbox staatn zijn acties waar ik nog iets mee moet doen. Hoef ik er niet direct iets mee dan verplaats ik de acties naar mijn takenlijst (things). Op deze manier houd ik overzicht en controle over de mail. Ik stop geen mail in mapjes of tag ze. De zoekfunctie van Google is dusdanig goed dat je je mail eigenlijk altijd snel terugvindt. Geen tijdverlies door het sorteren van mapjes.

Daarnaast ben ik redelijk allergisch voor email templates. Bij C7 probeer ik ze ook echt te voorkomen. Daarmee bedoel ik mailtjes waarbij standaard de ‘Beste ,’ en ‘met vriendelijke groet + naam’ al vooringevuld staat. Alles daaronder in de handtekening natuurlijk niet. Iedereen verdient namelijk een persoonlijke aanhef en dito afsluiting. Je achernaam vermelden bij iemand waar je al een half jaar mee mailt is redelijk overdreven. Het lijkt gezeur, maar experience zit in kleine dingetjes.

Zo ook je afwezigheidsmail. Probeer iemand altijd verder te helpen. Alleen vermelden dat je met vakantie gaat, gaat dan niet op. Vertel wanneer je weer bereikbaar bent en bij wie je mailer ondertussen terecht kan. Of wees creatief en tover een glimlach op de mail van de afzender. Zoals gezegd, experience zit in kleine dingen.